Swahili: de Afrikaans-Arabische mengtaal

Het Swahili, een taal die gesproken wordt aan de oostkust van Afrika, drinkt als het ware uit twee bronnen: Bantoe en Arabisch. Ongeveer 5 miljoen mensen in Oost-Afrika spreken het Swahili als moedertaal; daarnaast zijn er nog zeker 45 miljoen mensen die het als tweede of derde taal spreken. Het Swahili behoort tot de Bantoetalen, een grote groep talen gesproken in het zuidelijke deel van het Afrikaanse continent.

Het Swahili is beïnvloed geraakt door veel verschillende talen en culturen. In de woordenschat is de invloed van andere talen het duidelijkst te zien. Met name het Arabisch heeft veel woorden geleverd aan het Swahili in een lange periode van handel en culturele uitwisseling. Deze impact van het Arabisch op de woordenschat van het Swahili is vergelijkbaar met die van het Normandisch-Frans op het Engels.

Het hart van het vocabulaire van Swahili is Bantoe, maar een aanzienlijke hoeveelheid leenwoorden, voornamelijk Arabische, heeft het lexicon behoorlijk uitgebreid. Dit onderscheidt de taal van de andere talen die behoren tot de Bantoegroep. Een opvallend gevolg van de vele Arabische leenwoorden is dat er voor bepaalde woorden twee woorden bestaan, namelijk een woord afkomstig uit het Bantoe en een woord afkomstig uit het Arabisch. Het is in het Swahili soms mogelijk om één en dezelfde mededeling te doen met louter Arabische leenwoorden of met louter Bantoewoorden. Een voorbeeld van een dergelijke zin is ‘De portier is gewond geraakt door de bedelaar’. Voor alle woorden in deze zin heeft het Swahili twee realisaties met als gevolg twee verschillende versies van de zin:

Bantoe
mngoja mlango ameumizwa na mwombaji
Arabisch
 bawabu amejeruhiwa na maskini

Het Engels kent hetzelfde verschijnsel. ‘The author received a very large present’ is hetzelfde als ‘The writer got a pretty big gift’. Ondanks dat sommige Arabische woorden worden gebruikt in het hele gebied waar Swahili wordt gesproken, wordt een groter gedeelte van de Arabische woorden beperkt ingezet. Zo zijn er met name in de literatuur veel woorden van Arabisch origine te vinden en worden de leenwoorden gebruikt in de spreektaal van gearabiseerde eilanden en de kustgebieden. Buiten Zanzibar en Pemba is het gebruikelijker om zoveel mogelijk Bantoewoorden te gebruiken, met name in het binnenland.

Daaraan is te zien dat het Arabisch het Swahili vooral aan de kust beïnvloed heeft. In het binnenland heeft het Swahili een sterker Bantoekarakter behouden. Niet vreemd, aangezien de meeste mensen daar van huis uit nog steeds een andere Bantoetaal spreken.